Harm van den Dorpel: Choosing Complexity

Published on December 8th, 2015


* * * * * * * * * * * *

Harm van den Dorpel bouwde met het kunstwerk Deli Near Info een platform en een netwerk om strategisch in te grijpen in de culturele dataketen.

This interview with Harm van den Dorpel was published in Metropolis M, Nr 6 Dec/Jan 2015/2016 ANTI.DATA.
Unfortunately, for now, it’s only in Dutch.

 

Harm van den Dorpel bouwde met het kunstwerk Deli Near Info een platform en een netwerk om strategisch in te grijpen in de culturele dataketen.

Kun je in het kort uitleggen wat Deli Near Info is?

Deli Near Info is een voor iedereen toegankelijk sociaal medium of netwerk waarbij de content die geplaatst wordt gelijktijdig functioneert als navigatie. Verschillende gebruikers spelen en verbinden spontaan en associatief beeld en tekst. Ik heb Deli Near Info ontwikkeld omdat ik veel bestaande systemen niet vrij genoeg vond en de corporate uitstraling en structuren te bepalend zijn. Bijna alle bestaande netwerken, zoals Facebook, Twitter en Tumblr, zijn chronologisch geordend, de nieuwste content staat bovenaan en de oudere dingen verdwijnen langzaam. In Facebook is het bijna onmogelijk om oudere informatie te zoeken zoals je dat in een archief doet. Daarnaast zijn er weinig mogelijkheden om inhoudelijke verbindingen te maken tussen nieuwe en oude content.


Deli Near Info is ook een studio, een plek om dingen uit te proberen. Ik kan beelden gemakkelijk naast elkaar zien en combineren waardoor nieuwe werken ontstaan. Het werken op die manier benadrukt een tijdelijkheid en veranderlijkheid die ik heel aantrekkelijk vind. Sociale media zijn ook een verslaving. Zodra je iets post hoop je dat mensen er iets mee gaan doen of op reageren met iets anders. Het is het ook simpelweg een spel waar je energie en inspiratie van kunt krijgen.Het opzetten van een nieuw platform lijkt me nogal ingewikkeld. Hoe en waarom doe je dat als kunstenaar?Voordat ik naar de kunstacademie ging heb ik kunstmatige intelligentie gestudeerd aan de VU. De vragen die daar gesteld werden, intrigeren me nog steeds. In die wetenschappelijke context werden disfunctionaliteit, complexiteit en onvoorspelbaarheid echter vaak opgevat als problemen die opgelost moesten worden, terwijl ik ze juist wilde oproepen of bespelen. Het lag toen voor de hand om naar de kunstacademie te gaan.

Het web was daarbij voor mij altijd een belangrijke plek. Zeker in het begin van mijn carrière toen ik nog geen toegang had tot de kunstwereld en deze ook grotendeels verwierp en oninteressant vond. Als “agent” in een informatienetwerk kon ik relatief veel invloed uitoefenen en zichtbaarheid creëren met online publicaties, sociale media en mijn eigen websites.

Een andere belangrijke reden om mijn werken te maken op het web, in een specifieke context en met bepaalde materialen, is ‘because I can’. Dit is deels opportunisme maar ook een inhoudelijke keuze, omdat mijn werk gaat over processen, infrastructuur, distributie, presentatie en mediatie. Soms maak ik werk primair om het te documenteren zodat ik het in circulatie kan brengen. De som van relaties en links die daarna door andere mensen of algoritmes worden gemaakt in relatie tot mijn werk zijn een belangrijk onderdeel van het proces.

Ik ben daarbij vooral geïnteresseerd in hoe we informatie op nieuwe, zinvolle manieren kunnen verbinden. In deze context bedoel ik zinvol als esthetisch verrassend. Ik geloof niet dat kennis ingebed is in documenten, net zoals dat schoonheid niet ingebed is in objecten. Schoonheid en kennis ontstaan door een spel tussen de makers, kijkers, contexten, historische verhalen, et cetera.

Heeft het systeem dan ook bepaalde esthetische eigenschappen?

Ik probeer in mijn werk grip te krijgen op onderwerpen als organisatiestructuren, begripsvorming en het maken van relaties. De uitkomsten vallen samen met de tools die ik maak. Het netwerk gaat dus over zichzelf en is recursief. Ik vind het belangrijk dat iets nooit af is, dat resultaten niet gefixeerd worden en dingen steeds kunnen veranderen. Ik geloof niet dat een kunstwerk of een beeld op zichzelf kan staan. Ik denk eerder dat de relaties die het met andere dingen aangaat de identiteit van een beeld bepalen. Dat is natuurlijk al lang gemeengoed binnen de kunst. Als je een schilderij ophangt in een galerie dan plaats je dat schilderij in een specifieke context of een historisch kader. Dat mechanisme probeer ik te visualiseren en gedeeltelijk te automatiseren.

Tegelijkertijd vind ik het belangrijk om te zoeken naar complexiteit, en die komt het beste naar voren in de gelaagdheid tussen verschillende systemen die met elkaar verbonden worden, waardoor er betekenis ontstaat. De meeste methodes die we hebben over het organiseren van informatie zijn er op gericht om complexiteit te reduceren. Ik probeer niet te vereenvoudigen of te reduceren, maar complexiteit aan te moedigen.

Het web is zo veelomvattend dat we nieuwe metaforen moeten ontwikkelen om grip te krijgen op alle informatie die er is. Op YouTube is er bijvoorbeeld geen overzicht van alle video’s die er zijn. Dat kan ook niet; we weten misschien nog net hoeveel video’s erop staan, maar meer niet. Het enige wat je kunt doen op YouTube is je lokaal bewegen: je bent op een pagina waar je iets bekijkt en daarna heb je de keuze om weer naar iets anders toe te gaan en als je daar bent zijn de keuzes om ergens heen te gaan weer anders. Je werkt nooit een lijst af, je weet nooit waar je bent. Je bent ergens op een plek en die is gedefinieerd door de andere plekken waar je op dat moment heen kunt gaan.

Zie jij hier de link met de discussie over big data, waar je in de overvloed van informatie de weg kwijt raakt?

Ja, omdat overzichten, kaarten en handleidingen tekortschieten in het verwerken van informatie, hebben we nieuwe navigatiemethoden nodig. De meest geavanceerde en georganiseerde zoekmachines zijn nog steeds vooral gebaseerd op tekst. Daarom is er een noodzaak om complexe zaken terug te brengen tot een korte samenvatting, een woord. Informatie wordt vervolgens geclassificeerd zodat het mechanisch geïnterpreteerd kan worden. De interpretatie van iets complex naar een abstracte kwalificering belemmert alternatieve interpretaties.

Mensen denken vaak dat algoritmes magisch zijn, maar in wezen zijn het de meest voor de hand liggende regels die met grote snelheid toegepast worden op veel big data, waar dan conclusies uitkomen. De uitkomst is misschien niet meteen inzichtelijk, maar het idee dat grote bedrijven de sociale media en de data daarin gebruiken om achter het gedrag van gebruikers te komen is de grote bubble van dit moment. Coca Cola en vergelijkbare merken weten al lang wie hun doelgroep is en hoe ze die moeten bereiken – de meerderheid van alle clicks op online advertenties is tegenwoordig zelfs afkomstig van bots. Dus die zeepbel zal binnenkort wel barsten.


* * * * * * * * * * * *

T O    T O P